Bewoners van Oud-Mathenesse en het Witte Dorp zijn het afval op straat zat. Toch blijkt uit cijfers van de gemeente dat de wijk net buiten de top twintig van Rotterdamse wijken met de meeste afvaloverlast valt. Hoe kan het dat bewoners de situatie anders ervaren dan uit de statistieken naar voren komt? Die vraag staat centraal in het onderzoek ‘Trash Not Green’ van onderzoeker Yulia Kisora van de Erasmus Universiteit en buurtonderzoeker Niko Kühn.
Begin dit jaar beloofde het gemeentebestuur het afvalprobleem beter aan te pakken, nadat 37 wijkraden daar in een gezamenlijke brandbrief aandacht voor hadden gevraagd. Kisora en Kühn willen hier met hun onderzoek bij aansluiten. “Samen met bewoners kunnen we zichtbaar maken wat er op straat speelt,” zegt Kisora. “Zo kunnen hun ervaringen beter worden meegenomen in beslissingen over de wijk.”
Wat cijfers niet laten zien
“De gemeente baseert zich op het aantal overlastmeldingen,” signaleert Kühn, zelf een actieve bewoner. “Maar vaak doen bewoners geen melding omdat ze dat zinloos vinden. Bij eerdere meldingen kregen ze reacties waar ze niets aan hebben. Ze horen dat de klacht opgelost is, terwijl het afval er gewoon nog ligt. Omdat mensen dan niet meer melden, gaat de gemeente ervan uit dat er niks aan de hand is.”
Kisora en Kühn vragen daarom aandacht voor wat het meetsysteem van de gemeente niet vat. Kisora: ”Van bewoners hoor je dat zij afvaloverlast wél als een dringend probleem ervaren. Bewoners weten wat geen cijfer kan vatten: hoe het is om je afval weg te brengen, langs een verstopte container te moeten, een melding te doen, en te kijken of er morgen iets is veranderd.”
Van vergroening naar afvalonderzoek
Het onderzoek ontstond uit een bestaande samenwerking tussen Kisora en Kühn in het vergroeningsproject Wijk in Bloei, gefinancierd door de Europese Unie. Hoewel vergroening een hele reeks voordelen oplevert, bleek er soms weerstand tegen extra groen te zijn. Bewoners verwachten namelijk dat er afval in planten zal achterblijven en willen dat liever niet voor hun deur.
De aanpak van Kisora en Kühn sluit aan op Achter Afval, een onderzoek in Den Haag, waarbij onderzoekers van de EUR samen met bewoners de oorzaken van afvalproblemen verkenden. Kisora: “Buurtkennis werd als serieus bewijsmateriaal behandeld en niet als losse anekdotes naast de officiële cijfers.”
Bewonersacties in kaart
Het onderzoek van Kisora en Kühn richt zich op de ervaringen van bewoners. In Oud-Mathenesse en het Witte Dorp zetten bewoners zich op allerlei manieren in voor een schonere wijk. Zo organiseren zij schoonmaakacties, houden containeradoptanten de afvalcontainers in de gaten en kunnen buurtbewoners een afvalknijper lenen uit de knijperkast in de buurttuin. Door deze initiatieven in kaart te brengen, onderzoeken Kisora en Kühn hoe bewonersacties beter ondersteund en effectiever gemaakt kunnen worden.
Daarnaast vragen zij bewoners welke containers ze gebruiken, hoeveel ruimte ze thuis hebben om afval te bewaren en welke plekken in de wijk schoon of juist vervuild zijn. Kisora: “De antwoorden laten zien waar bewoners in de praktijk tegenaan lopen, ook als dat niet zichtbaar is in officiële cijfers.”
Online kennisbank in ontwikkeling
Ondertussen werken Kühn en Kisora aan een online kennisbank. Daarin verzamelen zij gegevens van de gemeente over afval, samen met inzichten uit Nederlands afvalonderzoek. Op één plek kunnen bewoners straks zien wat er in de wijk wordt onderzocht, welke maatregelen de gemeente neemt en welke oplossingen mogelijk zijn.
Samen leren en oplossingen bedenken
Later dit jaar is er een kennisuitwisselingssessie als vervolg op een eerdere bijeenkomst van bewoners en sleutelfiguren in december. Daar werden ideeën en ervaringen gedeeld. Tijdens de sessie worden deze ideeën en ervaringen verbonden aan kennis uit eerder onderzoek. Samen met bewoners en lokale organisaties worden daarna nieuwe activiteiten en plannen ontwikkeld die aansluiten bij wat bewoners zelf signaleren.
Het onderzoek staat open voor alle bewoners van Oud-Mathenesse en het Witte Dorp. Updates over het onderzoek en uitnodigingen voor bijeenkomsten worden gedeeld via WhatsApp-buurtgroepen en de informatieborden in de wijk.
Door: Ineke Westbroek
Foto: Merel van Tellingen